ECLI:NL:RBOBR:2026:3087
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en urenbeperking
Eiseres heeft een WIA-uitkering aangevraagd na een ziekteperiode van meer dan 104 weken, maar het UWV heeft deze aanvraag afgewezen omdat zij volgens medisch en arbeidsdeskundig onderzoek 0% arbeidsongeschikt is. Eiseres betwist dit en stelt dat een verdergaande urenbeperking noodzakelijk is vanwege fysieke en psychische klachten.
De rechtbank beoordeelt het medisch onderzoek van het UWV als zorgvuldig en sluit aan bij de conclusies van de verzekeringsartsen. De beperkingen zijn vastgelegd in een Functionele Mogelijkheden Lijst en de arbeidsdeskundige heeft passende functies vastgesteld die eiseres kan vervullen. De medische stukken die eiseres later heeft ingebracht, waaronder over een zich ontwikkelende nierinsufficiëntie, leiden niet tot een ander oordeel omdat deze aandoening op de datum van beoordeling nog niet aanwezig was.
De rechtbank concludeert dat de urenbeperking van vier uur per dag en twintig uur per week passend is en dat er geen medische noodzaak is voor een verdere beperking of rustdagen tussen werkdagen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de afwijzing van de WIA-uitkering blijft staan en eiseres geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiseres 0% arbeidsongeschikt is en de urenbeperking van vier uur per dag passend is.