ECLI:NL:CBB:2000:AA9102
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Cusell
- M.J. Kuiper
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering schadevergoeding na preventieve ruiming varkensbedrijf wegens klassieke varkenspest
Appellant maakte bezwaar tegen de waardevaststelling van zijn varkens na preventieve ruiming vanwege klassieke varkenspest, omdat de taxatie pas op 30 mei 1997 plaatsvond terwijl de varkens op 20 mei 1997 verdacht werden verklaard. Hij stelde dat de waarde had moeten worden vastgesteld op het moment van verdachtverklaring, omdat de varkensprijzen daalden en hij daardoor financieel nadeel leed.
Het College stelde vast dat het besluit tot verdachtverklaring op 20 mei 1997 rechtsgeldig was en dat het beleid van verweerder is om de waardevaststelling zo dicht mogelijk bij de ruimingsdatum te laten plaatsvinden, waarbij de dagprijs van de taxatiedag geldt. Dit beleid werd niet als onredelijk beoordeeld.
Verder oordeelde het College dat de vertraging in de taxatie niet zodanig was dat dit een compensatie rechtvaardigde, mede gezien de hectische omstandigheden en beperkte capaciteit tijdens de uitbraak. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot weigering van een hogere schadevergoeding na preventieve ruiming wordt ongegrond verklaard.