ECLI:NL:CBB:2001:AA9866
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- D. Roemers
- M.A. van der Ham
- B. Hessel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit en toekenning schadevergoeding wegens onrechtmatige quotumtoekenning zuivelproductie
Appellante diende een aanvraag in voor toewijzing van een heffingvrije hoeveelheid op grond van de Beschikking superheffing zure boerderijzuivelprodukten (BZB). De directeur LNO kende aanvankelijk een hoeveelheid toe, maar wees extra toekenning wegens onvoldoende bewijs af. Verweerder verklaarde later de bezwaren gedeeltelijk gegrond en kende alsnog een extra quotum toe op basis van productiegegevens uit 1988, waaronder een yoghurtboekje en een registratieformulier.
Het besluit van 20 april 1994 werd door het College voor onrechtmatig gehouden omdat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de juistheid van de aangeleverde stukken. Hierdoor werd appellante schade toegebracht doordat zij in eerdere melkprijsjaren niet over het juiste quotum kon beschikken.
Het geschil betrof de hoogte van de schadevergoeding. Het College oordeelde dat appellante recht heeft op vergoeding over de jaren 1992/1993, 1993/1994 en 1994/1995, maar niet over 1995/1996 vanwege haar eigen nalatigheid tot schadebeperking. De schadevergoeding werd vastgesteld op basis van een gebruikelijke leasevergoeding van fl. 0,35 per kg per jaar, vermeerderd met wettelijke rente vanaf het moment van onrechtmatigheid.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De vordering tot vergoeding van kosten voor de deskundige schadeberekening werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Het College verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 20 april 1994 en veroordeelde de Staat tot betaling van in totaal fl. 6.742,40 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 20 april 1994 vernietigd en verweerder veroordeeld tot betaling van schadevergoeding, rente en proceskosten.