ECLI:NL:CBB:2001:AA9893
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing subsidieaanvraag braakperceel vanwege onvoldoende bewijs gebruik landbouwgrond
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij waarin de subsidieaanvraag voor braakperceel nr. 9 werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van landbouwgebruik in de voorafgaande jaren. De Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen vereist dat braakpercelen in de twee voorafgaande verkoopseizoenen voor landbouw zijn gebruikt.
Appellant stelde dat perceel 9 in 1983 was gekocht en in 1996 en 1997 in gebruik was, maar dit niet was opgegeven omdat alleen aardappelen en suikerbieten waren geteeld. Hij bracht getuigenbewijs aan via een verklaring van de heer C, die loonwerk verrichtte, maar kon geen objectief bewijs overleggen zoals satellietbeelden of perceelsgebonden landbouwtellinggegevens.
Verweerder handhaafde het besluit omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat perceel 9 aan de voorwaarden voldeed. Het College oordeelde dat de bewijslast bij appellant lag en dat de verklaring van de heer C onvoldoende was, mede omdat deze niet onafhankelijk was en tegenstrijdigheden vertoonde. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van landbouwgebruik perceel 9 in 1996 en 1997.