ECLI:NL:CBB:2001:AB3001
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- D. Roemers
- C.J. Borman
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing exportverbod hoge druk compressor naar Pakistan
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Economische Zaken om de uitvoer van een hoge druk compressor naar Pakistan zonder vergunning te verbieden en een aangevraagde vergunning te weigeren. De minister baseerde zijn besluit op aanwijzingen dat de compressor zou kunnen worden gebruikt voor de ontwikkeling van massavernietigingswapens of raketten die dergelijke wapens kunnen vervoeren.
Appellante voerde aan dat de compressor niet geschikt is voor militaire toepassingen en overhandigde een deskundigenrapport dat dit bevestigt. De minister verwees naar technische documenten waaruit zou blijken dat de compressor geschikt is voor het vullen van raketbrandstoftanks. Het College constateerde dat de minister bij het weigeren van de vergunning onvoldoende gemotiveerd heeft en dat de technische onderbouwing ontoereikend was.
Het College oordeelde dat het systeem van vergunningverlening een tweefasig proces is waarbij bij het opleggen van de vergunningplicht minder zware motiveringseisen gelden dan bij de weigering van de vergunning. Omdat de minister niet tijdig alle relevante informatie had verstrekt en onvoldoende technische expertise had ingebracht, kon appellante haar verweer niet volledig voeren.
Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd voor zover het de weigering van de vergunning betreft en de minister werd opgedragen binnen drie maanden opnieuw te beslissen. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de exportvergunning wordt vernietigd met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.