ECLI:NL:CBB:2001:AB3005
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting op schadevergoeding bij klassieke varkenspest door niet-naleving meldingsplicht
Appellante kreeg een korting van 35% op de schadevergoeding voor haar varkensstapel die was gedood vanwege klassieke varkenspest, omdat zij vier keer niet tijdig de aanvoer van varkens had gemeld. Zij maakte bezwaar tegen deze korting en voerde onder meer aan dat de korting niet rechtmatig was, dat de meldplicht niet als maatregel ter waarborging van diergezondheid kon worden aangemerkt en dat het besluit in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en het verbod op detournement de pouvoir.
Het College oordeelt dat verweerder bevoegd was het bestreden besluit te nemen en dat de korting op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en het Besluit bescherming tegen bepaalde zoönosen terecht is opgelegd. De meldplicht is van groot belang voor de snelle en effectieve bestrijding van het virus en het niet naleven ervan verhoogt het risico van verspreiding, ook al leidt dit niet in elk concreet geval tot daadwerkelijke verspreiding.
Het College vindt de korting niet onevenredig en wijst het beroep af. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt, evenals het betoog dat de schade niet meer als normaal bedrijfsrisico kan worden beschouwd. Het beroep op detournement de pouvoir wordt eveneens verworpen omdat de meldplicht van groot belang is en appellante zelf verantwoordelijk is voor de naleving ervan.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de korting op de schadevergoeding wegens niet tijdige melding wordt ongegrond verklaard.