ECLI:NL:CBB:2001:AB3014
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.G. Lubberdink
- M.J. Kuiper
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering erkenning als exporteur en gerechtigde op uitvoerrestitutie rundvlees
Appellante, een vennootschap naar Hongaars recht, stelde dat zij als feitelijk exporteur van rundvlees moest worden erkend en gerechtigd was tot uitvoerrestitutie, ondanks dat op de officiële formulieren een andere partij als exporteur stond vermeld.
Verweerder, het Productschap Vee en Vlees, wees dit af omdat de formulieren L en COM 7 waarop de restitutieaanvragen waren gebaseerd, de naam van een andere partij als exporteur vermeldden en deze partij de enige was die op grond van de geldende regelgeving als exporteur kon worden beschouwd.
Het College overwoog dat de formulieren en certificaten bindend zijn en dat de exporteur die op deze documenten staat vermeld, de enige is die aanspraak kan maken op restitutie. Appellante had niet kunnen aantonen dat zij als exporteur was opgetreden of dat er sprake was van een geldige lastgeving.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd verweerder niet verplicht de restitutie aan appellante uit te betalen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en appellante wordt niet erkend als exporteur of gerechtigde op restitutie.