ECLI:NL:CBB:2001:AB3263
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- H.G. Lubberdink
- M.J. Kuiper
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging van navorderingsbesluiten landbouwheffingen bij invoer wegens termijnoverschrijding
Appellant, directeur van C B.V., werd persoonlijk aangesproken voor de betaling van landbouwheffingen bij invoer van melkpoeder die aan het douanetoezicht waren onttrokken. De heffingen waren eerder aan C B.V. opgelegd, maar niet voldaan. Verweerder stelde dat de navorderingstermijn van drie jaar verlengd kon worden tot vijf jaar wegens strafrechtelijk vervolgbaar handelen, namelijk het onttrekken aan het douanetoezicht en mogelijke schuldheling.
Het geschil betrof de vraag of verweerder na het verstrijken van drie jaar nog uitnodigingen tot betaling aan appellant in persoon mocht sturen. Het College oordeelde dat de navorderingstermijn van drie jaar strikt moet worden toegepast. Omdat de schuld reeds binnen die termijn aan C B.V. was opgelegd en het juiste bedrag toen kon worden vastgesteld, kon de navorderingstermijn niet worden verlengd. Het feit dat verweerder later nog niet het juiste bedrag kon vaststellen wegens ontbrekende laboratoriumuitslagen, was onvoldoende om de termijn te verlengen.
De stelling van verweerder dat appellant persoonlijk hoofdelijk aansprakelijk was en dat zijn handelen gericht was op ontduiking, werd niet doorslaggevend geacht voor de termijnvraag. Het beroep werd gegrond verklaard, de navorderingsbesluiten vernietigd en de uitnodigingen tot betaling ingetrokken. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en appellant kreeg zijn griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de navorderingsbesluiten worden vernietigd wegens overschrijding van de navorderingstermijn.