ECLI:NL:CBB:2001:AD2910
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen schadevergoeding bij preventieve ruiming varkensbedrijven
Appellanten exploiteerden twee varkensbedrijven die preventief werden geruimd vanwege een uitbraak van klassieke varkenspest. Verweerder kende op basis van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwd) tegemoetkomingen toe, waarbij onderscheid werd gemaakt tussen basisfok- en subfokbedrijven. Appellanten voerden aan dat hun bedrijven als één basisfokbedrijf moesten worden beschouwd en dat de toegekende schadevergoeding onvoldoende was, stellende dat verweerder zijn bevoegdheid had misbruikt.
Het College oordeelde dat het beroep ontvankelijk was en dat verweerder binnen de grenzen van redelijke beleidsbepaling had gehandeld. De registratie van de Gezondheidsdienst voor dieren (GD) en de economische hoofdactiviteit waren terecht bepalend voor de bedrijfstypering. Het standpunt van appellante sub 2 dat haar bedrijf ten onrechte als subfokbedrijf was aangemerkt, werd verworpen op grond van eerdere jurisprudentie en de feitelijke situatie.
Het College vond geen aanwijzingen dat verweerder zijn bevoegdheid had misbruikt of dat algemene beginselen van behoorlijk bestuur waren geschonden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van appellanten tegen de hoogte van de toegekende schadevergoeding wordt ongegrond verklaard.