ECLI:NL:CBB:2001:AD3380
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen besluit verdachtverklaring en schadevergoeding varkensbedrijf klassieke varkenspest
Appellante exploiteert een varkensbedrijf waarvan de dieren bij besluit van 28 april 1997 verdacht zijn verklaard van besmetting met klassieke varkenspest. Verweerder nam daarop maatregelen waaronder het preventief ruimen van de dieren en kende een tegemoetkoming toe voor de geleden schade. Appellante maakte bezwaar tegen deze besluiten en stelde onder meer dat verweerder niet bevoegd was tot het nemen van de maatregelen, dat er geen sprake was van spoedeisendheid, en dat de schadevergoeding onvoldoende was.
Het College overwoog dat verweerder terecht bevoegd was tot het nemen van de maatregelen gezien de spoedeisendheid van de situatie en de wetenschappelijke onderbouwing van de verdachtverklaring en preventieve ruiming. Het beleid was gebaseerd op risicoanalyses en Europese verplichtingen. Het College vond geen aanleiding om het besluit te vernietigen.
Ten aanzien van de schadevergoeding oordeelde het College dat het stelsel van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren een gesloten stelsel is en dat de toegekende tegemoetkoming passend was. Het beroep op het arrest Leffers/Staat werd verworpen omdat hier sprake was van een tijdelijke maatregel. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de verdachtverklaring en de toegekende schadevergoeding wordt ongegrond verklaard.