ECLI:NL:CBB:2001:AD4691
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen intrekking exploitatievergunning speelautomatenhal wegens niet-toegelaten epromsoftware
Verzoeker exploiteert een speelautomatenhal en kreeg op 15 maart 2001 een besluit tot intrekking van zijn exploitatievergunning wegens het gebruik van speelautomaten met niet-toegelaten epromsoftware. De controle door Verispect B.V. en het NMI toonde aan dat de eproms in de automaat afweken van toegelaten versies. Verzoeker stelde dat de overtreding licht was, dat hij niet verwijtbaar handelde en dat het intrekken van de vergunning disproportionele gevolgen had, mede door het gemeentelijke uitsterfbeleid.
De president van het College overwoog dat de eproms inderdaad niet overeenkwamen met toegelaten versies en dat de motivering van het besluit onvoldoende dragend was, vooral omdat de vermelding op de eproms niet doorslaggevend is. Ook werd geoordeeld dat het belang van verzoeker bij opschorting zwaarder woog dan het belang van verweerder bij onmiddellijke uitvoering, mede gezien het lange tijdsverloop sinds de constatering.
De voorlopige voorziening werd daarom toegewezen, waarbij het besluit tot intrekking en het besluit op bezwaar werden geschorst tot twee weken na de beslissing op het beroep. Tevens werden de proceskosten aan verzoeker vergoed.
Uitkomst: De intrekking van de exploitatievergunning is geschorst tot de beslissing op het beroep, met vergoeding van proceskosten aan verzoeker.