ECLI:NL:CBB:2001:AD4766
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- C.M. Wolters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake korting tegemoetkoming mond- en klauwzeervirus
Verzoeker ontving een tegemoetkoming voor schade door het doden van zijn veestapel in het kader van de bestrijding van het mond- en klauwzeervirus. Verweerder legde een korting van 70% op deze tegemoetkoming wegens vermeende overtredingen van wettelijke voorschriften. Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om voorlopige voorzieningen om de terugbetaling van een voorschot te schorsen en onmiddellijke betaling van een aanvullende tegemoetkoming.
De president van het College oordeelde dat verweerder niet tot invordering van het terug te betalen bedrag zou overgaan zolang het bezwaar niet was beslist. Verzoeker kon onvoldoende aantonen dat het uitblijven van aanvullende betaling zijn bedrijfsvoering ernstig bedreigde, waardoor geen spoedeisend belang bestond. Tevens was de zaak feitelijk en juridisch onvoldoende duidelijk om voorlopige voorzieningen toe te staan.
De president overwoog dat nader onderzoek naar de feiten en recht noodzakelijk was, mede gezien de discrepanties tussen de verklaringen van verzoeker en de rapportage van de Algemene Inspectiedienst. Ook was onduidelijk of de korting van 70% rechtmatig was, mede in het licht van voorgenomen beleidswijzigingen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang en noodzaak van nader onderzoek.