ECLI:NL:CBB:2001:AD5567
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Roemers
- M.J. Kuiper
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling voederareaal en veebezettingsgetal in regeling dierlijke EG-premies
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw inzake de vaststelling van het voederareaal en het veebezettingsgetal in het kader van de Regeling dierlijke EG-premies voor 1999. De kern van het geschil betreft de afwijkingen tussen het door appellant opgegeven voederareaal en de door de Algemene Inspectiedienst (AID) geconstateerde oppervlakte.
De AID controleerde de percelen en stelde vast dat het opgegeven voederareaal van 38,62 hectare feitelijk 34,15 hectare bedroeg, een verschil van meer dan 3%. Op grond van Verordening (EEG) nr. 3887/92 leidt dit tot een sanctie waarbij de oppervlakte wordt verminderd, waardoor appellant geen recht heeft op aanvullende premie. Appellant betoogde dat hij met vier meetmethoden tot een nauwkeurige opgave was gekomen en dat de AID-metingen onbetrouwbaar waren, mede omdat hij de controle grotendeels niet kon bijwonen.
Het College oordeelt dat appellant wel degelijk in de gelegenheid is gesteld de controle bij te wonen en dat hij op 29 juli 1999 schriftelijk heeft verklaard kennis te hebben genomen van de controlebevindingen en daarmee akkoord te gaan. Hermeting na de oogst is niet betrouwbaar en de sanctie vloeit rechtstreeks voort uit Europese regelgeving. Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de sanctie niet onevenredig is en het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalt.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van het voederareaal en het veebezettingsgetal wordt ongegrond verklaard.