ECLI:NL:CBB:2001:AD8491
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijk verklaring bezwaar tegen dienstregeling en halteplaats
Appellant diende bezwaar in tegen een besluit van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven (SRE) inzake de dienstregeling stads- en streekvervoer en de locatie van een bushalte nabij zijn woning. Het bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en omdat het bezwaar feitelijk betrekking had op de locatie van de halte, niet op de dienstregeling zelf.
Appellant stelde dat hij door het uitblijven van een reactie op zijn eerdere klacht over geluids- en stankhinder niet tijdig op de hoogte was van de relatie tussen de halteplaats en de dienstregeling, waardoor termijnoverschrijding verschoonbaar zou zijn. Het College oordeelde echter dat de dienstregeling slechts de route en stopplaatsen globaal aangeeft, terwijl de precieze locatie van de halte door de wegbeheerder wordt bepaald.
Het bezwaar richtte zich feitelijk tegen de concrete situering van de halte, waarvoor geen bezwaar- en beroepsmogelijkheid bestaat op grond van de Wet personenvervoer. Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep tegen deze beslissing werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de dienstregeling en halteplaats is ongegrond verklaard.