ECLI:NL:CBB:2001:AD8775
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen handelsregisterbijdrage voor stamrecht-bv ongegrond verklaard
Appellante, een stamrecht-bv zonder werkzame personen, maakte bezwaar tegen de door de Kamer van Koophandel geheven bijdrage op grond van de Wet op de kamers van koophandel en fabrieken 1997. Zij stelde dat haar bv geen onderneming is zoals gewone beleggings- of pensioenmaatschappijen, en dat registratie en bijdrage in strijd zijn met privacywetgeving en het evenredigheidsbeginsel.
Het College overwoog dat het begrip onderneming conform jurisprudentie van de Hoge Raad moet worden uitgelegd en dat de stamrecht-bv als onderneming moet worden beschouwd zolang activa aanwezig zijn. Het heffingssysteem is gebaseerd op rechtsvorm en grootte en streeft naar een redelijke verhouding tot de kosten van de Kamer van Koophandel, zonder dat voor elke individuele heffing een exacte kosten-batenrelatie vereist is.
Het beroep werd ongegrond verklaard omdat de wetgever heeft gekozen voor een administratief efficiënt systeem dat proportioneel is en de belangen van alle ondernemingen, inclusief stamrecht-bv's, in redelijkheid afweegt. Bezwaren tegen registratie en privacy werden niet door het bestreden besluit geraakt en vallen buiten de beoordeling van het College.
Uitkomst: Het beroep van de stamrecht-bv tegen de handelsregisterbijdrage wordt ongegrond verklaard.