ECLI:NL:CBB:2001:AD8777
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tuchtbeschikking en oplegging lagere boete voor overtreding Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren
Appellante stelde beroep in tegen een tuchtbeschikking van het Tuchtgerecht die haar een geldboete van fl. 1500 oplegde wegens overtreding van het Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren. De procedure omvatte een zitting waar zowel de directeur van het Controlebureau als een vertegenwoordiger van appellante aanwezig waren.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellante terecht een boete kreeg opgelegd voor het niet tijdig openen van de luiken waardoor de hennen niet de gehele dag vrije uitloop hadden. Appellante voerde aan dat zij te goeder trouw handelde en dat eerdere instructies haar toelieten de luiken pas na de middag te openen. Tevens vond zij de boete te hoog gezien een eerdere, deels onterechte veroordeling.
Het College stelde vast dat het Tuchtgerecht ten onrechte had meegewogen dat appellante meerdere eerdere veroordelingen had, terwijl slechts één eerdere veroordeling bestond. Dit leidde tot vernietiging van de oorspronkelijke boete. Het College oordeelde dat de luiken uiterlijk om 11.00 uur open hadden moeten zijn en dat het feit dat ze om 12.35 uur nog gesloten waren een overtreding vormde. Gezien de eerdere veroordeling legde het College een boete van fl. 1000 op.
De uitspraak werd gedaan door mr J.A. Hagen, waarbij het beroep gegrond werd verklaard, de eerdere boete werd vernietigd en een lagere boete werd opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de oorspronkelijke boete van fl. 1500 wordt vernietigd en een lagere boete van fl. 1000 wordt opgelegd.