ECLI:NL:CBB:2002:AD8668
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen heffingsaanslag door onjuiste adressering
In deze bestuursrechtelijke zaak stond centraal of het bezwaar van appellant tegen een heffingsaanslag van het Produktschap Tuinbouw ontvankelijk was. De aanslag was verzonden naar een adres waar appellant niet woonde, wat leidde tot discussie over de juiste adressering en de ontvangst van de aanslag. Appellant stelde dat de aanslag onjuist was geadresseerd en daardoor te laat bij hem was aangekomen, waardoor het bezwaar niet-ontvankelijk ten onrechte werd verklaard.
Het College stelde vast dat de aanslag was verzonden naar het adres dat appellant zelf had opgegeven in de landbouwtelling en het handelsregister. Hoewel de post mogelijk vertraagd was door het ontbreken van een eigen brievenbus, lag dit risico bij appellant zelf. De termijn voor het indienen van bezwaar was overschreden en dit werd niet als verschoonbaar beschouwd.
Daarom oordeelde het College dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar niet-ontvankelijk is wegens overschrijding van de termijn.