ECLI:NL:CBB:2002:AD9445
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar busdienstregeling en vernietiging besluit dienstregeling 2001
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van Gedeputeerde Staten van Zeeland waarin zijn bezwaar tegen de vaststelling van de busdienstregeling 2001 niet-ontvankelijk werd verklaard. Het bezwaar richtte zich op vermeende toegenomen overlast door busverkeer op het Banckertplein.
Het College oordeelt dat de verwijzing naar een eerdere uitspraak waarin geen sprake was van toegenomen overlast onvoldoende is om het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien appellant nu wel een toename van busverkeer en overlast aanvoert. Het College vernietigt daarom het bestreden besluit.
Daarnaast stelt het College vast dat de bevoegdheid van Gedeputeerde Staten om de dienstregeling vast te stellen is vervallen met de Wet personenvervoer 2000, en dat het besluit van 23 januari 2001 de termijn van zes maanden overschrijdt zoals toegestaan in de overgangsbepaling. Dit leidt tot gedeeltelijke vernietiging van dat besluit.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bezwaar van appellant wordt erkend, en het College treedt zelf in de plaats van het vernietigde besluit. Tevens wordt appellant het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot vaststelling van de dienstregeling 2001 wordt gedeeltelijk vernietigd wegens overschrijding van de wettelijke termijn.