ECLI:NL:CBB:2002:AE0351
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- H.C. Cusell
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt vergunning biotechnologische handelingen bij dieren
De Erasmus Universiteit Rotterdam heeft een vergunning gekregen van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij voor het verrichten van biotechnologische handelingen gericht op het genereren van genetisch gemodificeerde muizen. Vereniging AVS Proefdiervrij stelde beroep in tegen deze vergunning, stellende dat de belangen van de proefdieren onvoldoende werden meegewogen en dat de vergunning in strijd zou zijn met de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwd).
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat de Minister en de Commissie biotechnologie bij dieren de belangen van de dieren zorgvuldig hebben afgewogen. Het College oordeelde dat het 'nee, tenzij'-principe niet is geschonden en dat absolute zekerheid over de gevolgen van het onderzoek voor de dieren niet vereist is om een vergunning te verlenen.
Verder werd geoordeeld dat de vergunningvoorschriften voldoende waarborgen bieden voor het welzijn van de dieren, zoals het nauwkeurig bijhouden van de gezondheidstoestand en het onverwijld doden van ernstig benadeelde dieren. De grieven van appellante werden verworpen en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening voor biotechnologische handelingen bij dieren wordt ongegrond verklaard.