ECLI:NL:CBB:2002:AE3750
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- D. Roemers
- M.J. Kuiper
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag wegens ontbreken zelfstandige bedrijfsvoering akkerbouw
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor akkerbouwsubsidie voor 18,14 hectare snijmaïsgrond, maar deze werd afgewezen omdat niet is vastgesteld dat hij zelfstandig een landbouwbedrijf exploiteert. De grond maakt deel uit van een groter geheel dat door familieleden gezamenlijk wordt beheerd.
De feiten tonen aan dat appellant geen eigen productiemiddelen bezit en dat werkzaamheden zoals grondbewerking en zaaien door anderen werden uitgevoerd. Hoewel appellant een pachtovereenkomst heeft en een eigen administratie voert, is de bedrijfsvoering verweven met die van zijn familie, wat wijst op een administratieve scheiding zonder praktische zelfstandigheid.
Het College oordeelt dat de 18,14 hectare niet als afzonderlijk bedrijf wordt beheerd, maar deel uitmaakt van een groter geheel, waardoor de subsidieaanvraag onder de algemene regeling valt met braakleggingsverplichting die niet is nagekomen. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is er geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat appellant niet zelfstandig een bedrijf exploiteert en daardoor geen recht heeft op akkerbouwsubsidie.