ECLI:NL:CBB:2002:AE5930
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing subsidievaststelling energievoorzieningen gemeente Hoogezand-Sappemeer
Appellante, de gemeente Hoogezand-Sappemeer, had subsidie aangevraagd voor energiebesparende voorzieningen. Verweerder, de Minister van Economische Zaken, had de aanvraag gedeeltelijk ingewilligd, maar later de subsidievaststelling afgewezen omdat de voorzieningen reeds vóór de aanvraag waren aangeschaft, wat volgens de subsidieregeling niet is toegestaan.
In de procedure stelde appellante dat zij bij opdrachtverstrekking een voorbehoud had gemaakt dat geen bestellingen mochten worden gedaan vóór subsidie, en dat bepaalde voorzieningen pas na subsidieverlening waren besteld. Het College oordeelde echter dat uit de stukken en erkenning van appellante bleek dat verplichtingen al vóór de aanvraag waren aangegaan, en dat de verklaringen van opdrachtnemers niet doorslaggevend waren.
Het College concludeerde dat de subsidie terecht niet werd vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de subsidievaststelling wordt ongegrond verklaard.