ECLI:NL:CBB:2002:AE6036
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- R.R. Winter
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking voorlopige voorziening taxivergunning
Verzoeker, houder van een taxivergunning te Lelystad, kreeg bij besluit van 23 november 2001 zijn vergunning ingetrokken wegens het niet voldoen aan vakbekwaamheidseisen. Na correspondentie en een verzoek om voorlopige voorziening werd het besluit heroverwogen en ingetrokken, waardoor verzoeker zijn vergunning behield.
Verzoeker trok daarop het verzoek om voorlopige voorziening in en verzocht om een afzonderlijke uitspraak waarbij de Minister van Verkeer en Waterstaat werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Het College oordeelde dat hoewel het besluit werd herroepen, dit niet gebeurde op de gronden die verzoeker in bezwaar en voorlopige voorziening had aangevoerd, maar vanwege nieuwe informatie die later was verstrekt. Hierdoor was geen sprake van tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd daarom afgewezen.
Verder werd opgemerkt dat vergoeding van griffierecht niet via deze procedure kan worden gevorderd, maar rechtstreeks bij de verweerder moet worden gevraagd.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen omdat geen sprake was van tegemoetkomen op de aangevoerde gronden.