ECLI:NL:CBB:2002:AE6353
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- B. Verwayen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen aanmerkingsbesluit verdachte vogels wegens niet-uitgevoerde quarantaineonderzoeken
Verzoekster exploiteert een import- en exportbedrijf van vogels. Verweerder heeft bij besluit van 17 mei 2002 alle vogels op het bedrijf van verzoekster als verdachte dieren aangemerkt omdat de wettelijk voorgeschreven quarantaineonderzoeken op pseudo-vogelpest en vogelpest niet zijn uitgevoerd, ondanks dat de vogels 30 dagen in quarantaine verbleven.
Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven om een voorlopige voorziening om het besluit te schorsen en de vogels hun verblijfplaats te laten verlaten. Verzoekster voerde aan dat de quarantaineperiode wel was doorlopen en dat verweerder nalatig was in het uitvoeren van de tests.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het financieel belang van verzoekster onvoldoende was onderbouwd en dat het niet aannemelijk was dat de continuïteit van haar onderneming werd bedreigd. Tevens bestonden er twijfels over de rechtmatigheid van de grondslag van het besluit, maar het was duidelijk dat de vogels niet eerder uit quarantaine mochten worden ontslagen dan nadat negatieve testresultaten bekend waren.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Verzoekster kan in de bodemprocedure alsnog schadevergoeding vorderen indien het besluit wordt vernietigd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit om vogels als verdachte dieren aan te merken wordt afgewezen.