ECLI:NL:CBB:2002:AF4486
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- H.C. Cusell
- J.L.W. Aerts
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing kaderregeling ontheffing meststoffenwet en milieuvergunning
Appellante, exploitant van een gemengd varkens- en pluimveebedrijf, vroeg ontheffing aan voor het uitbreidingsverbod op grond van de Meststoffenwet en de kaderregeling 'Het Zuivere Ei'. De aanvraag werd afgewezen omdat verweerder meende dat niet aan de voorwaarden voor afsplitsing van de pluimveetak was voldaan en dat niet kon worden gegarandeerd dat aan de voorschriften van de ontheffing zou worden voldaan.
Appellante stelde dat zij door onduidelijke en wisselende informatie van Bureau Heffingen en de gemeente Venray niet tijdig kon voldoen aan de voorwaarden, mede door het ontbreken van een milieuvergunning vanwege stanknormen. Het College oordeelde dat de kaderregeling beleidsregels bevat en dat verweerder onterecht op voorhand de aanvraag afwees op basis van vermoedens over het niet kunnen voldoen aan voorschriften.
Het College stelde dat verweerder zonder voldoende rechtvaardiging afweek van de beleidsregels en daarmee handelde in strijd met het zorgvuldigheids- en evenredigheidsbeginsel. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen.