ECLI:NL:CBB:2003:AF5729
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- C.M. Wolters
- M.J. Kuiper
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen heffing Productschap Vis bij aanvoer garnalen in Denemarken
V.O.F. A, een visserijonderneming gevestigd in Nederland, maakte bezwaar tegen een heffing opgelegd door het Productschap Vis voor garnalen die in 1999 met een Nederlands vissersvaartuig in Denemarken werden aangevoerd. Appellante stelde dat de heffing onrechtmatig was omdat de aanvoer buiten Nederland plaatsvond en zij geen gebruik maakte van de diensten van het Productschap Vis in Nederland.
Het College oordeelde dat het Productschap Vis heffingen mag opleggen aan Nederlandse ondernemingen waarvoor het is ingesteld, ongeacht of de aanvoer buiten Nederland plaatsvindt. De wettelijke grondslag voor de heffing is niet beperkt tot aanvoer in Nederland. Bovendien is het niet relevant of appellante profijt heeft van de activiteiten die met de heffingen worden gefinancierd.
Ook het argument dat reeds heffing in Denemarken was betaald, werd verworpen omdat die betalingen betrekking hadden op havenfaciliteiten en niet vergelijkbaar zijn met de Nederlandse heffingen. Het beroep op vrijstellingen die aan andere ondernemers zijn verleend, kon niet slagen omdat dit pas ter zitting werd ingebracht en het College geen aanleiding zag om de heffing aan appellante te laten vervallen.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van V.O.F. A tegen de heffing van het Productschap Vis wordt ongegrond verklaard.