ECLI:NL:CBB:2003:AI0362
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- J.A. Hagen
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Beslissing over terugvordering en kwijtschelding van ontwikkelingskrediet na faillissement
In deze bestuursrechtelijke zaak staat de terugvordering van een ontwikkelingskrediet aan de Noord-Nederlandsche Machinefabriek B.V. (NNM) centraal, na het faillissement van deze onderneming. Het krediet werd in twee fasen toegekend, met voorwaarden waaronder het krediet en de rente opeisbaar worden bij faillissement of surséance van betaling binnen een termijn van 15 jaar.
De appellant, curator in het faillissement van NNM, betwist dat het krediet volledig opeisbaar is en stelt dat kwijtschelding mogelijk had moeten worden toegepast, mede omdat het hydromotorproject is mislukt en geen omzet is gerealiseerd. Verweerder handhaaft de terugvordering van het tweede kredietdeel, terwijl het eerste kredietdeel niet meer opeisbaar is vanwege het verstrijken van de termijn.
Het College oordeelt dat het tweede krediet een zelfstandige verlening betreft met een eigen aflossingstermijn die langer loopt dan het eerste krediet. De terugvordering is daarom terecht. Tevens wordt geoordeeld dat kwijtschelding na faillissement en terugvordering niet redelijk is, mede omdat het krediet zonder zekerheden is verstrekt en verweerder als concurrente schuldeiser een gelijkwaardige positie inneemt.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waarbij het College geen aanleiding ziet om terug te komen op het eerdere terugvorderingsbesluit en geen proceskostenveroordeling oplegt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van het ontwikkelingskrediet met rente wordt gehandhaafd.