ECLI:NL:CBB:2003:AL8125
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- M.A. van der Ham
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing hardheidsgeval bij toepassing pluimveerechten Meststoffenwet
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin het bezwaar van appellant tegen een afwijzende beslissing op grond van de Meststoffenwet werd afgewezen. Het geschil betreft de toepassing van hardheidsgeval 1, een regeling voor pluimveehouders die onomkeerbare investeringsverplichtingen zijn aangegaan voor uitbreiding van hun pluimveerechten.
Appellant exploiteert een agrarisch bedrijf en had vóór 6 november 1998 een milieuvergunning aangevraagd en verkregen voor uitbreiding van zijn vleeskuikensstal. Echter, een bouwvergunning was niet aangevraagd omdat deze volgens de gemeente niet nodig was. Verweerder wees de toepassing van hardheidsgeval 1 af omdat niet aan de cumulatieve voorwaarden was voldaan, waaronder de vereiste dat zowel een milieu- als een bouwvergunning vóór 6 november 1998 aangevraagd moesten zijn.
Het College oordeelt dat de wetgever bewust heeft gekozen voor strikte, eenduidige criteria om rechtszekerheid te waarborgen en dat alleen aan de hand van deze criteria kan worden beoordeeld of sprake is van onomkeerbare investeringsverplichtingen. Omdat appellant geen bouwvergunning heeft aangevraagd in de relevante periode, kan hij niet in aanmerking komen voor hardheidsgeval 1. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en appellant komt niet in aanmerking voor hardheidsgeval 1.