ECLI:NL:CBB:2003:AM7757
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen besluit over varkensrechten op grond van Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 15 november 2002, waarin het bezwaar van appellant tegen een eerdere beslissing over de toekenning van varkensrechten op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv) ongegrond werd verklaard.
De kern van het geschil betrof de berekening van het aantal varkensrechten waarop appellant aanspraak maakte. Appellant voerde aan dat de productiegegevens van het gepachte bedrijf, dat in de relevante jaren aan het afbouwen was, niet representatief waren en dat daardoor een onjuiste en lagere toekenning van varkensrechten was vastgesteld. Verweerder baseerde de berekening op het in 1994 gemiddeld gehouden aantal varkens verminderd met 10%, conform artikel 4 van Pro het Bhv.
Het College oordeelde dat verweerder de artikelen 3 en 4 van het Bhv correct had toegepast en dat het Bhv geen ruimte biedt voor afwijkingen in individuele gevallen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit over de toekenning van varkensrechten wordt ongegrond verklaard.