ECLI:NL:CBB:2003:AN8036
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen weigering rentevergoeding bij subsidie regionale investeringsprojecten
Appellante diende een aanvraag in voor subsidie voor de bouw van een evenementencomplex, welke aanvankelijk gedeeltelijk werd toegekend. Na bezwaar en beroep werd het primaire besluit vernietigd en een nieuw besluit genomen waarbij een subsidie werd toegekend, maar de vergoeding van door appellante geleden renteverlies werd geweigerd.
Het geschil spitste zich toe op de weigering van verweerder om rentevergoeding te verlenen over het door appellante gestelde renteverlies als gevolg van te lage voorschotten. Het College oordeelde dat het Besluit zelf geen recht op rentevergoeding geeft en dat er geen vaste bestuurspraktijk is om rente te vergoeden.
Echter stelde het College vast dat verweerder onrechtmatig had gehandeld door het oorspronkelijke besluit en de beslissing op bezwaar onjuist waren, waardoor appellante schade had geleden. Het College concludeerde dat appellante rechtens aanspraak kon maken op hogere voorschotten en dat zij daardoor renteverlies had geleden.
Het beroep werd daarom gegrond verklaard voor zover het betrekking had op de weigering van rentevergoeding. Het College vernietigde dat deel van het besluit en bepaalde dat verweerder een nieuwe beslissing moet nemen waarbij een schadevergoeding voor het renteverlies moet worden toegekend. Tevens werd het griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard voor de weigering van rentevergoeding; het besluit is vernietigd voor zover het rentevergoeding betreft en verweerder moet een nieuwe beslissing nemen.