ECLI:NL:CBB:2003:AO1041
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing akkerbouwsubsidie wegens vermeende kennelijke fout en dubbele aanvraag
Op 18 april 2003 diende appellant beroep in tegen een besluit van 14 maart 2003, waarbij verweerder het bezwaar tegen een eerdere afwijzing van akkerbouwsubsidie had behandeld. Het geschil betreft een vermeende dubbele aanvraag voor hetzelfde perceel maïs, waarbij appellant een fout maakte in de opgave van mestnummers en oppervlakte.
Verweerder wees de aanvraag af op grond van Verordening (EG) nr. 2419/2001, artikel 32, vanwege een verschil van meer dan 50% tussen opgegeven en geconstateerde oppervlakte, en legde een extra uitsluiting op. Appellant stelde dat sprake was van een kennelijke fout en dat hij ten onrechte niet is gehoord in de bezwaarprocedure.
Het College oordeelt dat verweerder ten onrechte afzag van het horen van appellant, omdat het bezwaar niet kennelijk ongegrond was. Tevens is het bestreden besluit in strijd met de hoorplicht volgens artikel 7:2 Awb Pro. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Proceskosten en griffierecht worden aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de subsidie en oplegging van uitsluiting wordt vernietigd.