ECLI:NL:CBB:2003:AO4294
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing hardheidsregeling pluimveerechten bij omschakeling vleeskalkoenhouderij
Appellante exploiteert een vleeskalkoenhouderij en heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw waarin haar verzoek om toepassing van hardheidsgeval 1 van de Meststoffenwet werd afgewezen. Dit hardheidsgeval biedt een uitzondering voor pluimveehouders die vóór 6 november 1998 onomkeerbare investeringsverplichtingen zijn aangegaan, mits zij tijdig een milieu- en bouwvergunning hebben aangevraagd.
Appellante had een milieuvergunning aangevraagd en verkregen, maar geen bouwvergunning omdat deze niet nodig was voor de interne verbouwing van een voormalige ligboxenstal. Verweerder wees het beroep af omdat niet aan de cumulatieve voorwaarden was voldaan, waaronder de bouwvergunningaanvraag.
Het College overwoog dat de wetgever bewust strikte criteria heeft gesteld om rechtszekerheid te waarborgen en dat enkel een milieuvergunning onvoldoende is om het hardheidsgeval toe te passen. Het ontbreken van een bouwvergunningaanvraag betekent dat appellante niet in aanmerking komt voor de regeling. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de wetgever bewust heeft gekozen voor deze toetsingscriteria.
Het beroep werd dan ook ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard omdat niet is voldaan aan de cumulatieve voorwaarden voor toepassing van hardheidsgeval 1.