ECLI:NL:CBB:2004:AO3797
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H.M. Willems
- E.J.F.A. de Haas
- J.W. Moret
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen ongegrondverklaring klacht over waarderingsrapport accountant
A heeft bij de raad van tucht een klacht ingediend tegen C over een waarderingsrapport van 11 juli 2000. De raad van tucht verklaarde de klacht ongegrond, waarna A beroep instelde bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Het geschil betreft de vraag of C als accountant is opgetreden en of het rapport voldoet aan de normen van de Gedrags- en beroepsregels registeraccountants 1994 (GBR-1994).
Het College oordeelt dat het enkel ondertekenen van het rapport met de RA-titel niet betekent dat C als accountant is opgetreden. C trad op binnen zijn bureau voor ondernemingswaardering en gaf geen accountantsverklaring af. Daarom is toetsing aan artikel 11 GBR Pro-1994 niet aan de orde, maar slechts aan artikel 5 GBR Pro-1994. Het rapport bevat een waardebepaling van de onderneming vóór de bedrijfsbezetting en is duidelijk over de gehanteerde methoden en gegevens.
Hoewel er twijfel kan bestaan over de gehanteerde verwachtingen en het ontbreken van externe verificatie, is dit geen reden voor een tuchtrechtelijk verwijt. Ook de klacht over partijdigheid wordt ongegrond verklaard. Het beroep wordt verworpen en de beslissing van de raad van tucht bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van A wordt verworpen en de klacht tegen C wordt ongegrond verklaard.