ECLI:NL:CBB:2004:AO6477
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Verzoeker diende beroep in tegen een besluit van 14 februari 2002 waarin het bezwaar tegen de afwijzing van een verzoek om toepassing van categorie 3 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij ongegrond werd verklaard. Verweerder nam later een nieuw besluit waarin volledig aan de bezwaren van verzoeker werd tegemoetgekomen, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
Verweerder betoogde dat het verzoek om proceskostenvergoeding moest worden afgewezen omdat verzoeker een nieuwe bezwaargrond had ingebracht zonder termijn te stellen en het beroep te vroeg had ingesteld. Het College oordeelde echter dat verweerder materieel aan verzoeker tegemoet was gekomen en dat verzoeker niet verweten kon worden dat hij de nieuwe bezwaargrond niet eerder had ingebracht.
Het College vond dat verweerder na ontvangst van de brief van verzoeker contact had moeten zoeken en dat het vroegtijdig instellen van beroep niet onzorgvuldig was. Daarom werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten ad €322,-. De vergoeding van het griffierecht bleef buiten behandeling omdat deze door de Staat wordt vergoed.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €322,- na intrekking van het beroep wegens volledige tegemoetkoming.