4. Het standpunt van appellante
Appellante heeft ter ondersteuning van het beroep - samengevat - het volgende tegen het bestreden besluit aangevoerd.
Appellante sluit niet uit dat haar aanvraag bij LASER in het ongerede is geraakt omdat deze met een verkeerde tenaamstelling aan haar werd verzonden. Gebruikt werd het relatienummer van A. Daarvan had appellante echter reeds op 18 januari 2002 wijziging verzocht.
Ten onrechte is appellante, toen zij op 4 juni 2002 telefonisch navraag deed naar de ontvangst van het formulier geconmbineerde opgave, meegedeeld dat het wel aan de onjuiste tenaamstelling zou liggen dat de aanvraag nog niet verwerkt was; ten onrechte is haar toen ook meegedeeld dat het wel in orde zou komen. Onder deze omstandigheden gaat het niet aan dat verweerder appellante verwijt dat zij pas op 19 juni 2002, na ommekomst van de termijn dat de aanvraag met korting nog kon worden ingediend, wederom telefonisch contact met LASER heeft opgenomen.
Verder is het merkwaardig dat van de telefoongesprekken op 4 en 19 juni door LASER geen gespreksnotities werden gemaakt. Hoe kan er beloofd worden dat zal worden teruggebeld als de naam en het telefoonnummer van de te bellen persoon nergens genoteerd staan?
Tenslotte vormt het gegeven dat appellante geen rappelbericht ontving om het formulier landbouwtelling alsnog in te zenden, terwijl appellante weet dat LASER dit algemene rappel heeft laten uitgaan nog vóór de datum 17 juli 2002 waarop LASER de copie van de subsidieaanvraag ontving, een aanwijzing dat de originele aanvraag mogelijk wel eerder werd ontvangen.
Nu zich bij LASER allerlei administratieve en communicatieve onvolkomenheden hebben voorgedaan en appellante zeker weet de aanvraag op 9 mei 2002 ter post te hebben bezorgd, dient appellante op zijn minst het voordeel van de twijfel te krijgen en dient haar aanvraag alsnog in behandeling te worden genomen.
Ter zitting van het College heeft mevrouw A.F. Oosterhof te Welsingen, als getuige meegbracht vanwege appellante, samengevat het volgende verklaard:
"Als regelingsontwikkelaar/beheerder bij LASER maak ik instructies voor medewerkers en vertaal ik juridische regels naar de praktijk. Hoewel ik geen uitvoerende functie heb kan ik dus toch een goed oordeel geven over de wijze waarop appellante door LASER- medewerkers tegemoet is getreden.
In situaties als die van appellante geldt de instructie dat een telefoonnotitie gemaakt moet worden. Er is verder geen specifieke instructie. Ik zelf zou zeker geadviseerd hebben een copie van de opgave toe te zenden.
Opvallend is dat er hier geen telefoonotities zijn gemaakt en verder is rijkelijk laat gereageerd op het toezenden van de copie van de opgave.
Ik heb nog getracht uit te vinden welke invloed het feit dat de formulierenset naar het oude relatienummer werd gezonden heeft gehad, maar ik heb van de aanvraag van appellante helemaal niets kunnen terugvinden.
Uiteraard ga ik er van uit dat werkinstructies meestal opgevolgd worden."