ECLI:NL:CBB:2004:AO8357
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugvordering en sancties restitutie
Verzoekster, Lamaga B.V., stelde beroep in tegen besluiten van het Produktschap voor Vee en Vlees waarbij restituties werden teruggevorderd en sancties werden opgelegd. Zij verzocht tevens om voorlopige voorzieningen om uitvoering van deze besluiten te schorsen totdat in de bodemzaak zou worden beslist.
De voorzieningenrechter beoordeelde of er sprake was van een spoedeisend belang dat een voorlopige voorziening rechtvaardigde. Verzoekster stelde dat uitvoering van de besluiten haar voortbestaan ernstig zou bedreigen en dat zij niet in staat was zekerheid te stellen.
De rechter oordeelde dat een financieel belang op zich onvoldoende is en dat verzoekster niet aannemelijk had gemaakt dat haar vermogenspositie zodanig was dat het voortbestaan van de onderneming gevaar liep. Ook was zij al jaren op de hoogte van de terugvorderingen en had zij een dividend uitgekeerd terwijl zij haar bedrijfsactiviteiten had overgedragen.
Gelet hierop was er geen spoedeisend belang voor een voorlopige voorziening. Het verzoek werd afgewezen zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door mr. H.C. Cusell op 9 april 2004.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen terugvordering en sancties werd afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.