ECLI:NL:CBB:2004:AQ6927
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen nihil vaststelling subsidie op grond van Subsidieregeling energievoorzieningen
Appellante, een vereniging met volledige rechtspersoonlijkheid, verzocht om subsidie op grond van de Subsidieregeling energievoorzieningen in de non-profit en bijzondere sectoren. Verweerder stelde de subsidie op nihil vast omdat appellante vóór de subsidieaanvraag reeds verplichtingen was aangegaan met betrekking tot de voorzieningen.
Appellante voerde aan dat de overeenkomst met de hoofdaannemer als een voorovereenkomst moest worden gezien en dat het doel van de Subsidieregeling, het stimuleren van energiebesparende voorzieningen, was bereikt. Verweerder handhaafde het standpunt dat vooraf aangegane verplichtingen uitsluiting van subsidie rechtvaardigen.
Het College oordeelde dat op grond van de stukken en het ter zitting besproken voldoende vaststond dat de verplichtingen vóór de aanvraag waren aangegaan. Hierdoor kon de subsidie niet worden toegekend en werd het beroep ongegrond verklaard. Het College wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidie wordt op nihil vastgesteld wegens vooraf aangegane verplichtingen.