ECLI:NL:CBB:2004:AR6037
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- M.A. van der Ham
- A.J.C. de Moor- van Vugt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag tegemoetkoming varkenshouders wegens termijnoverschrijding
Appellante, een varkenshouder, diende een aanvraag in voor een bijzondere tegemoetkoming in verband met de klassieke varkenspest van 1997. Deze tegemoetkoming was bedoeld om een eerder opgelegde strafkorting van 35% deels te compenseren. De aanvraag werd echter na de uiterste indieningstermijn van 30 dagen na de inwerkingtreding van het Besluit ingediend.
Verweerder wees de aanvraag af omdat de termijn strikt werd gehanteerd vanwege het maximumbudget en de noodzaak tot een tijdige afhandeling. Appellante voerde aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat zij niet op de hoogte was van de regeling, mede doordat zij niet meer actief was in de varkenshouderij en daardoor geen vakbladen meer ontving. Tevens stelde zij dat het evenredigheidsbeginsel in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) meebracht dat haar aanvraag alsnog in behandeling moest worden genomen.
Het College oordeelde dat de aanvraagtermijn strikt gehanteerd moest worden vanwege het beperkte budget en de noodzaak tot een pro rata korting bij overschrijding. De overschrijding was niet verschoonbaar, aangezien het besluit op juiste wijze was gepubliceerd en ook via andere kanalen onder de aandacht was gebracht. Het feit dat appellante niet meer actief was in de sector en daardoor informatie miste, kwam voor haar eigen risico. De aangevoerde jurisprudentie was niet van toepassing omdat er geen sprake was van onzorgvuldig handelen door het bestuursorgaan.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de afwijzing van haar aanvraag wegens termijnoverschrijding wordt ongegrond verklaard.