ECLI:NL:CBB:2005:AT6108
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering extensiveringsbedrag op grond van Regeling dierlijke EG-premies
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw om hem over 2001 geen extensiveringsbedrag toe te kennen op grond van de Regeling dierlijke EG-premies. Verweerder had het bezwaarschrift van appellant ongegrond verklaard omdat het opgegeven voederareaal niet overeenkwam met de geconstateerde oppervlakte en omdat de veebezetting op het bedrijf op enig moment hoger was dan toegestaan.
Het geschil spitste zich toe op de toepassing van artikel 9 van Pro Verordening (EG) nr. 3887/92, waarbij een korting op het steunbedrag wordt toegepast bij overschrijding van opgegeven oppervlakte, en op de vraag of appellant recht had op toepassing van een coëfficiënt van 0,8 wegens een mkz-gerelateerd vervoersverbod. Appellant stelde dat de hoge veebezetting het gevolg was van de mkz-crisis en dat hij niet tijdig kon melden vanwege de omstandigheden.
Het College oordeelde dat verweerder terecht de oppervlakteverschillen en de overschrijding van de maximale veebezetting had vastgesteld en dat de korting op het bedrag correct was toegepast. De niet-tijdige melding van de dieren die niet verplaatst mochten worden maakte toepassing van de coëfficiënt 0,8 niet mogelijk. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de weigering van het extensiveringsbedrag wordt ongegrond verklaard.