ECLI:NL:CBB:2005:AT6109
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing afwijzing akkerbouwsubsidie vanwege bedrijfsvoering appellant
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor akkerbouwsubsidie 2002 door de Minister van Landbouw. De subsidieaanvraag werd afgewezen omdat verweerder oordeelde dat appellant niet als zelfstandige producent kon worden aangemerkt, mede vanwege een gemeenschappelijke bankrekening en het gebruik van machines van de maatschap.
Tijdens de procedure bleek dat appellant sinds 1989 een deel van zijn landbouwgrond buiten de maatschap exploiteert met een gescheiden administratie en boekhouding. Het College stelde vast dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de gemeenschappelijke bankrekening en het gebruik van maatschapsmachines het ontbreken van een zelfstandige bedrijfsvoering zouden aantonen.
Het College concludeerde dat het bestreden besluit niet zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, waardoor het in strijd is met de Awb. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering over de zelfstandige bedrijfsvoering van appellant.