ECLI:NL:CBB:2005:AT6464
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- B. Verwayen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen tariefvaststelling dieetadvisering vrijgevestigde diëtisten
Verzoekster, een vrijgevestigde diëtiste, maakte bezwaar tegen de door het College tarieven gezondheidszorg vastgestelde maximumtarieven voor dieetadvisering, die aanzienlijk lager waren dan het oude instellingentarief. Zij vorderde een voorlopige voorziening om het oude, hogere tarief te hanteren totdat een nieuwe onderbouwing beschikbaar zou zijn.
Het College stelde dat het financiële belang van verzoekster, hoewel ernstig, niet zodanig was dat de continuïteit van haar bedrijfsvoering werd bedreigd. De tariefvaststelling was gebaseerd op een vergelijking met andere paramedische beroepen en was noodzakelijk vanwege het korte tijdsbestek en het ontbreken van een onderbouwd tarief.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek om voorlopige voorziening niet toewijsbaar was, omdat het niet aannemelijk was dat het lagere tarief onrechtmatig was en omdat er voldoende mogelijkheden zijn voor een compensatie bij de beslissing op bezwaar of in de bodemprocedure.
Het College erkende dat de tariefverlaging ingrijpend is, maar achtte de beleidsregels voorlopig rechtmatig en passend gelet op de omstandigheden. Er werd benadrukt dat het vastgestelde tarief een tijdelijke oplossing is totdat een gedegen tariefonderbouwing tot stand komt.
Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de tariefvaststelling voor dieetadvisering door vrijgevestigde diëtisten wordt afgewezen.