ECLI:NL:CBB:2005:AT6477
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- J.L.W. Aerts
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing subsidieaanvraag op grond van Subsidieregeling kennisoverdracht ondernemers MKB
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Economische Zaken waarbij haar subsidie op grond van de Subsidieregeling kennisoverdracht ondernemers MKB werd vastgesteld op nihil. De subsidie werd geweigerd omdat appellante vóór de indiening van de subsidieaanvraag reeds een arbeidsovereenkomst had gesloten met de kennisdrager, Q.
Appellante stelde dat Q aanvankelijk in dienst was bij een andere vennootschap, B BV, en pas na subsidieverlening administratief was overgeplaatst naar appellante, waarbij de datum van indiensttreding administratief onjuist was weergegeven. Het College oordeelde dat verweerder terecht uitging van de datum 1 september 2002 als indiensttredingsdatum bij appellante, omdat de door appellante overgelegde arbeidsovereenkomst en loonstroken deze datum vermeldden.
Het College constateerde dat appellante tegenstrijdige verklaringen had afgelegd over de datum van indiensttreding, wat de geloofwaardigheid van haar betoog ondermijnde. Gezien de dwingende bepalingen van de regeling en de Algemene wet bestuursrecht was het College van oordeel dat verweerder bevoegd was de subsidie vast te stellen op nihil. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de subsidie wordt vastgesteld op nihil.