ECLI:NL:CBB:2005:AT8902
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- M.A. van der Ham
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering vergroting varkensrecht op grond van Wet herstructurering varkenshouderij
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 20 januari 2004 van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, waarin werd besloten dat appellant niet in aanmerking komt voor een vergroting van het varkensrecht op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv).
Het geschil spitst zich toe op de vraag of de locaties van appellant als één bedrijf moeten worden beschouwd en of de vergroting van het varkensrecht ten minste tien procent bedraagt, zoals vereist in artikel 9, zesde lid, Bhv. Appellant voerde aan dat de twee locaties, gelegen op circa achthonderd meter afstand, niet als één bedrijf mogen worden aangemerkt.
Het College oordeelt dat de locaties als één bedrijf moeten worden beschouwd, omdat appellant deze als zodanig heeft opgegeven in het Registratieformulier dierlijke meststoffen, zoals voorgeschreven door de Meststoffenwet. De afstand tussen de locaties vormt geen grond voor een andere kwalificatie. Daarnaast is het College van oordeel dat het niet bevoegd is om de billijkheid van de regelgeving te toetsen.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van vergroting van het varkensrecht blijft gehandhaafd.