ECLI:NL:CBB:2005:AU8628
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.L.W. Aerts
- A.J.C. de Moor-Van Vugt
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Weigering energieverklaring voor voordrooginstallatie met vacuümafzuiging bevestigd
Appellante, Owens Corning Veil Netherlands B.V., heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Economische Zaken om een energieverklaring te weigeren voor een voordrooginstallatie met vacuümafzuiging. Deze verklaring is vereist voor het verkrijgen van de energie-investeringsaftrek (EIA) op grond van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de bijbehorende Uitvoeringsregeling energie-investeringsaftrek 2001.
De kern van het geschil betrof de vraag of het bedrijfsmiddel onder de specifieke of generieke codes van de Energielijst viel en of aan de energiebesparingseis werd voldaan. Appellante voerde aan dat het bedrijfsmiddel voldeed aan de voorbeeldcode 220710 uit de brochure van 2001, waardoor geen besparingsberekening nodig zou zijn. Verweerder stelde dat de code een voorbeeldcode is zonder specifieke aanwijzing in de Energielijst en dat daarom de generieke energiebesparingseis onder code B.1.3.A van toepassing is, die een besparingsberekening vereist.
Het College oordeelde dat de weigering van de Minister terecht was omdat appellante ondanks herhaalde verzoeken geen besparingsberekening had overgelegd. De bijzondere omstandigheden, zoals het afwijkende gebruik van het bedrijfsmiddel en het relatief hoge investeringsbedrag, rechtvaardigden het verzoek om een concrete berekening. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de weigering van de energieverklaring wordt ongegrond verklaard.