ECLI:NL:CBB:2005:AV0042
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen besluit Regeling dierlijke EG-premies afgewezen wegens onregelmatigheden bij zoogkoeienpremie
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin bezwaar werd afgewezen tegen een herziening van de zoogkoeienpremie over het jaar 2002. De herziening volgde op het constateren dat vier van de zes runderen niet voldeden aan de aanhoudverplichting, omdat zij op 20 februari 2003 waren geslacht. Hierdoor bestond geen recht op premie voor deze dieren.
Appellanten voerden aan dat een van de runderen ten onrechte was uitgesloten en dat zij onvoldoende informatie hadden ontvangen over de aanhoudperiode. Tevens betoogden zij dat de sanctie van bijna tweeduizend euro disproportioneel was gezien de ernst van de overtreding en het feit dat zij geen voordeel hadden gehad.
Het College oordeelde dat de aanvraag duidelijk was en dat appellanten zich hadden moeten informeren over de voorwaarden van de regeling. De sanctie was conform artikel 38 van Pro Verordening (EG) nr. 2419/2001 en proportioneel gelet op het aantal onregelmatigheden. De griefs werden verworpen en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de premie bevestigd.