ECLI:NL:CBB:2005:AV0074
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- B. Verwayen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke procedure over tijdige bekendmaking en ontvankelijkheid bezwaarschrift kredietvaststelling
Appellante Zestec B.V. stelde beroep in tegen een besluit van de Minister van Economische Zaken waarin haar bezwaren tegen een kredietvaststelling op grond van het Besluit kredieten elektronische-dienstenontwikkeling niet-ontvankelijk werden verklaard. Het geschil betrof de vraag of het besluit van 24 december 2003 op juiste wijze was bekendgemaakt en of het bezwaarschrift tijdig was ingediend.
Het College stelde vast dat het besluit niet was verzonden naar het bij verweerder bekende adres van appellante, maar naar het adres van een ander bedrijf (AtotZ), dat inhoudelijk en zakelijk gescheiden was van appellante. Hierdoor was het besluit niet op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt en was de bezwaartermijn niet op 25 december 2003 begonnen te lopen.
Vastgesteld werd dat appellante het besluit uiterlijk op 2 februari 2004 ontving, waardoor het bezwaarschrift van 3 maart 2004 binnen de wettelijke termijn viel. Het College oordeelde dat verweerder deze brief als bezwaarschrift had moeten behandelen, ook al was deze niet expliciet als zodanig aangeduid. Verweerder had bovendien bij onduidelijkheid om nadere uitleg moeten vragen.
Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met vergoeding van proceskosten.