ECLI:NL:CBB:2006:AV2120
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en ontvankelijkheid bij aanvraag ontheffing vakbekwaamheid goederenvervoer
Appellant verzocht de Minister van Verkeer en Waterstaat om een ontheffing van de eis van vakbekwaamheid voor het beroepsgoederenvervoer over de weg. De minister wees dit verzoek af en nam een besluit op 14 juli 2003. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, waarop de minister niet tijdig besliste. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de rechtbank en later bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Het College oordeelde dat de minister niet bevoegd was om te beslissen op het verzoek om ontheffing, omdat volgens de Wet goederenvervoer over de weg (Wgw) de Stichting NIWO het bevoegde bestuursorgaan is voor het verlenen van vergunningen en ontheffingen. Het besluit van 14 juli 2003 werd daarom als onbevoegd genomen aangemerkt.
Het College stelde vast dat de minister het bezwaar van appellant niet tijdig had behandeld en verklaarde het beroep gegrond. Het College besloot zelf in de zaak te voorzien, het bezwaar gegrond te verklaren en het besluit van 14 juli 2003 te herroepen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat appellant geen griffierecht had betaald.
De uitspraak bevestigt dat de minister niet bevoegd is voor het verlenen van ontheffing vakbekwaamheid en dat verzoeken daarvoor bij de NIWO moeten worden ingediend. Het College ziet geen aanleiding om getuigen te horen en wijst verdere vorderingen af.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 14 juli 2003 wordt herroepen omdat de minister niet bevoegd was om te beslissen op het verzoek om ontheffing vakbekwaamheid.