ECLI:NL:CBB:2006:AV4561
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- C.J. Borman
- J.A. Hagen
- F. Stuurop
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over oud-voor-nieuw regeling binnenvaartcapaciteit en proceskosten
Appellante Euromar B.V. heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Verkeer en Waterstaat inzake een speciale bijdrage op grond van de Wet capaciteitsbeheersing binnenvaartvloot. De bijdrage was opgelegd naar aanleiding van de oud-voor-nieuw regeling die de capaciteit van de binnenvaartvloot moet beheersen.
Appellante stelde dat de toegepaste oud-voor-nieuw verhouding onjuist was en dat de Commissieverordeningen in strijd waren met de Raadsverordening, waardoor deze niet toegepast mochten worden. Tevens vorderde zij schadevergoeding wegens te veel betaalde bijdragen.
Het College verwierp het betoog dat de Raadsverordening rechtstreeks toegepast moest worden en oordeelde dat de Commissieverordeningen niet in strijd waren met de Raadsverordening. Het beroep tegen de berekening van de oud-voor-nieuw verplichtingen werd ongegrond verklaard. Wel werd het beroep gegrond verklaard voor zover het verzoek om schadevergoeding niet was beslist, maar dit verzoek werd alsnog afgewezen vanwege rentevoordeel van appellante door te late betaling.
Het College vernietigde de bestreden besluiten voor zover zij de hoogte van de oud-voor-nieuw bijdrage betroffen en bepaalde dat het vernietigde gedeelte van het besluit van 9 november 2004 wordt vervangen door deze uitspraak. Tevens werd de Staat veroordeeld in de proceskosten en werd het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd voor zover het de oud-voor-nieuw bijdrage betreft, het schadevergoedingsverzoek wordt afgewezen en de Staat wordt veroordeeld in de proceskosten.