ECLI:NL:CBB:2006:AV6547
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wegens ontbreken geldige chauffeurspas
Verzoekster, een taxi-onderneming gespecialiseerd in groepsvervoer op contractbasis, kreeg een last onder dwangsom opgelegd omdat een van haar chauffeurs geen geldige chauffeurspas bezat. De last onder dwangsom werd opgelegd op grond van artikel 75 van Pro het Besluit personenvervoer 2000, dat stelt dat taxichauffeurs in het bezit moeten zijn van een geldige chauffeurspas.
Verzoekster stelde dat het ontbreken van een structurele ingroeiregeling en beperkte examencapaciteit bij het CBR haar belemmeren om tijdig gekwalificeerd personeel in te zetten, waardoor haar bedrijfsvoering ernstig wordt geschaad. Zij voerde aan dat verweerder had moeten afzien van handhaving vanwege bijzondere omstandigheden en dat het besluit disproportioneel was.
Verweerder betoogde dat verzoekster de gevolgen van het niet tijdig opleiden van chauffeurs zelf draagt, dat de regelgeving rechtmatig is en dat handhaving noodzakelijk is ter waarborging van de kwaliteit van het taxivervoer. Het College oordeelde dat geen sprake was van bijzondere omstandigheden die afzien van handhaving rechtvaardigen en dat het spoedeisend belang ontbrak. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen.