ECLI:NL:CBB:2006:AV9584
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing akkerbouwsubsidie wegens blijvend grasland en oppervlakteverschil
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van haar aanvraag voor akkerbouwsubsidie over 2003 op grond van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen. De aanvraag werd afgewezen omdat het verschil tussen de opgegeven en de geconstateerde oppervlakte meer dan 30% bedroeg, en omdat een perceel als blijvend grasland werd aangemerkt.
Na bezwaar en herziening heeft verweerder een gedeeltelijke toewijzing gedaan voor een perceel, maar het beroep bleef gericht op het perceel dat als blijvend grasland werd beschouwd. Het College oordeelde dat het beroep tegen het oorspronkelijke besluit niet-ontvankelijk was, omdat appellante geen belang meer had bij dat besluit, en verklaarde het beroep tegen het herzieningsbesluit ongegrond.
Het College overwoog dat de Regeling duidelijk voorschrijft dat vooraf schriftelijke toestemming nodig is voor vervanging van percelen, en dat appellante zich van deze regeling op de hoogte had kunnen stellen. Het beroep op een ander systeem werd niet gehonoreerd. De vaststelling dat perceel 12 op basis van satellietbeelden als blijvend grasland geldt, werd bevestigd. Het beroep werd afgewezen zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het oorspronkelijke besluit is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het herzieningsbesluit wordt ongegrond verklaard; de subsidie voor perceel 12 wordt geweigerd.