ECLI:NL:CBB:2006:AZ0571
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. Wolters
- J.A. Hagen
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling exploitatiebijdrage openbaar vervoer 2003 bij taakstellende vervoeropbrengsten
Appellante, Connexxion Openbaar Vervoer N.V., maakte bezwaar tegen de vaststelling van de definitieve exploitatiebijdrage 2003 door Gedeputeerde Staten van Zeeland. De exploitatiebijdrage is gebaseerd op het verschil tussen genormeerde kosten en taakstellende vervoeropbrengsten, waarbij de vervoeropbrengsten door de minister van Verkeer en Waterstaat zijn vastgesteld met gebruik van het WROOV-Plus systeem.
Appellante stelde dat door het gebruik van verschillende meetperioden voor kaartgroepen 4, 5 en 13 sprake was van een na-ijl-effect, waardoor de taakstellende vervoeropbrengsten te hoog en de subsidie te laag was vastgesteld. Dit nadeel zou niet voor haar rekening mogen komen omdat het een systeemfout betreft die niet voorzienbaar was en niet door wet- of regelgeving was beoogd.
Het College oordeelde dat verweerder, als concessieverlener, beleidsruimte heeft bij de vaststelling van de exploitatiebijdrage en dat het niet onredelijk is om de taakstellende vervoeropbrengsten van de minister over te nemen. Het systeem is niet gesloten en verweerder heeft geen verplichting om de subsidie anders vast te stellen. Het risico van verschillen tussen taakstellende en daadwerkelijke vervoeropbrengsten ligt in beginsel bij de concessiehouder.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is verweerder niet gehouden het nadeel van de systeemfout voor zijn rekening te nemen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de vaststelling van de exploitatiebijdrage 2003 wordt ongegrond verklaard.